Kern van de zaak
Een gelaagde witwasconstructie voor opbrengsten uit buitenlandse fraude: STAK → holding → buitenlandse Ltd. → vastgoed en crypto, opgezet door een professionele facilitator. Drie expertlijnen: (1) de verhulde UBO, (2) het bewijs van criminele herkomst met het gronddelict in het buitenland, en (3) de positie van de facilitator. Plus de ontnemingsroute (SFO + beslag).
Bewijswaardering per stuk
- Stuk 1 (pv): kapstok; let op de internationale aanleiding (rechtshulp) en scheid feiten van de “voorlopige duiding”.
- Stuk 2 (organigram): maakt de afscherming zichtbaar (STAK + lege Ltd.); zelf legaal — het gaat om het samenstel en het oogmerk.
- Stuk 3 (KvK): toont de juridische keten maar niet de certificaathouder — precies het verhullende effect.
- Stuk 4 (deskundige): onverklaarde instroom, doorsluizen, omzetting in activa; “niet te verklaren als reële financiering” — geen kwalificatie.
- Stuk 5 (tap): sterk voor wetenschap/oogmerk van zowel Stam (“mijn naam nergens”) als Voskuijl (“jij blijft erbuiten”). Weeg de “vermoedelijke” identificatie.
- Stuk 6 (ambtshandeling): de onderhandse bijlage koppelt Stam aan de certificaten; discrepantie met het UBO-register onderstreept het verhullen.
- Stuk 7 (compliance): een melding/signaal, geen bewijs; versterkt het patroon en het gegeven dat alles via de adviseur liep.
- Stuk 8 (buitenlands vonnis): onderbouwt het gronddelict en koppelt opbrengst aan Tideway. Bespreek hoe je een buitenlands vonnis gebruikt voor de herkomstvraag (en de grenzen).
- Stuk 9 (vordering SFO/beslag): de ontnemingsroute; let op derdenbelangen.
Antwoorden op de toetsvragen
- Witwassen kan worden bewezen als buiten redelijke twijfel staat dat het vermogen uit enig misdrijf afkomstig is; het exacte gronddelict hoeft niet vast te staan, en een buitenlands gronddelict telt mee.
- Wetenschap/voorwaardelijk opzet van de facilitator op de criminele herkomst — dát maakt het verschil tussen legale dienstverlening en medeplegen/medeplichtigheid.
- Het SFO + conservatoir beslag brengt het voordeel in kaart en stelt vermogen veilig voor een latere ontneming.
Discussiepunten voor de nabespreking
- Hoe “kijk je door” een STAK-/holdingstructuur heen; welk bewijs is nodig voor de UBO?
- Medepleger vs. medeplichtige bij de facilitator — en de tuchtrechtelijke kant.
- Internationale rechtshulp: mogelijkheden en grenzen (vertaling, rechtsmacht, verdedigingsrechten).
- Ontneming en derdenbelangen (hypotheekhouder, gerechtvaardigd vertrouwen).